zaterdag 22 mei 2010

Sint Truiden 2 mei 2010

Een tandemrit om in te kaderen en nooit meer te vergeten. En dit om meer dan één reden.


Ten eerste zat mijn vaste stokertje(mijn zus Liliane) in Ierland. Daarom had ik een tijdelijke vervanger gezocht en gevonden: Dirk, één van mijn beste vrienden en tevens marathonloper (wat zoals later zal blijken toch belangrijk was tijdens de hellingen). We hadden ons dus ingeschreven als Paul en Dirk. De inrichters, Bert en Marleen, vroegen zich dus vóór de rit af wie dat tandemkoppel wel kon zijn.

Ten tweede, het weer. De voorspelling was niet mis. Weer-ikonen Frank en Sabine hadden regen voorspeld, en dan ook nog regen, en ten slotte nog wat onweer er boven op. Als notoire plassenrijder was ik daar zeer tevreden mee. Het bleek nog te kloppen ook. De zware regen kregen we tijdens de rit naar Sint Truiden en het onweer … tijdens onze lunch. Hoe hadden Bert en Marleen het dan voor elkaar gekregen dat we tijdens de rit alleen in het begin wat gedruppel hebben gehad? Na een tijdrovend wetenschappelijk onderzoek kwam ik tot de volgende bevindingen. Een week eerder was de vorige rit gereden in Oostmalle. Voor wie het zich nog herinnert, 25 april en evenveel graden die dag. De inrichter van deze rit vertelde dat hij wel een heel karton eieren naar de Clarissen had gebracht om goed fietsweer te bekomen. Voor we aan deze rit in Sint Truiden begonnen vroeg de inrichter van de vorige of Bert niet vergeten was om eieren naar de Clarissen te brengen, waarop Bert antwoordde: “Ja, maar… ” “Ja, een kartonneke van 6 eieren zeker?” antwoordde de vorige inrichter. Persoonlijk denk ik dat het veel moeilijker was. Kijk, als Frank en Sabine (die nota bene een directe verbinding hebben met Armand Pien hierboven) slecht weer voorspellen, hoeveel eieren moet je er dan tegenaan smijten om dat ongedaan te maken? Een hele vrachtwagen? Ik hoop alleen dat de Clarissen er geen indigestie aan overgehouden hebben.

Ten derde, de rit zelf. Voor mij was het ook een les aardrijkskunde. Buiten Sint Truiden zelf, Borgloon en Brustem(van het vliegveld), de enige plaatsen die me bekent in de oren klonken, hebben we een hele rits aan pittoreske dorpjes onder onze tandemwielen zien voorbij schuiven. Even opsommen: Melveren, Ordingen, Hoepertingen, Mettekoven, Rijkel, Groot-Loon, Bommershoven, Heks, Veulen, Gutschoven, Broekom, Groot-Gelmen, Klein-Gelmen, Gelinden. Tussen deze dorpjes lag dan de hoofdschotel: de glooiende Limburgse fruitstreek in volle bloei! Glooiend ja, want Bert had ons een beetje bang gemaakt.


Hij had laten uitschijnen dat De Tourmalet en de Ventoux in Limburg lagen. Aangezien wij normaal bij de laatsten bovenkomen op een heuveltje en dat nu wel even anders was, kon het dus zo steil niet geweest zijn. Of zou mijn vervangende stoker Dirk er voor iets tussen zitten? Zeker wel! Ik heb hem meermaals moeten intomen om niet tegen een voorligger aan te rijden. Ondertussen genoten we ook van de bloeiende fruitbomen. Hier kom ik ooit nog wel terug, dacht ik zo onderweg. Misschien is het geen slecht idee om terug te komen als die mooie bloesems veranderd zijn in sappige vruchten. Het ging voor ons dus verbazend goed vooruit en voor we het beseften kwamen we rond de middag aan bij m’n ‘broer’: Restaurant De Baron!


Ten vierde, dit restaurant. Persoonlijk heb ik hier de grootste croque gegeten die ik ooit ben tegengekomen. Samen met het dagsoepje dat ik besteld had was het eigenlijk te veel van het goede. Ook de andere gerechten waren volumineus. Iemand had een grote spaghetti gevraagd maar ik kon niet zien wie er achter die grote kom zat. En tijdens onze lunch barste er ook nog een onweer los. Regen, hagel, wind, alles was aanwezig, en ondertussen zaten wij lekker binnen. Dat moet ook een aantal eieren gekost hebben! Slim gezien van Bert en Marleen: geen regen voor de anderen en toch een paar plassen voor mij. Dankjewel allebei.
Bij een stralende zon zijn we terug vertrokken(met een te volle maag), terug door die prachtige natuur. Wat mij ook is opgevallen zijn de talrijke kappelletjes en echt mooie kastelen onderweg.



Voor de middag hadden we er ook al een paar gezien. Ogen te kort dus. Ook de Romeinse kassei(wat een echte straatnaam blijkt te zijn) zijn we een tweetal keren gepasseerd.


Het verhaal van Tjenne de heks, waar de groepsfoto is genomen, is me spijtig genoeg ontgaan. Nog een reden om terug te komen en dat uit te zoeken.


Na de middag had ik ook met mijn stoker afgesproken om achteraan de groep plaats te vatten, waar ik normaal thuishoor. Ongewild en helling vol fruitbomen na helling vol fruitbomen zijn we toch terug vooraan geraakt. Zo zijn we dan ook terug Sint Truiden binnengereden.

Ten vijfde, de grote markt in Sint Truiden. Niet dat die zo speciaal is, hoewel ze een fraai stadhuis hebben.


Er was daar een evenement aan de gang. Ik denk volksdansen of zo. Het nummer was net afgelopen toen wij de grote markt opreden en in een grote boog om al die mensen heen draaiden. De meeste hoofden draaiden in onze richting toen we er langs reden. We hadden eigenlijk allemaal onze hand moeten opsteken zoals de paus dat altijd doet.
Net toen we halt hielden aan het station en daar tegenover nog iets gingen drinken begon het terug te regenen. Eigenlijk hadden we binnen moeten zijn vóór het begon te regenen. Zo hadden Bert en Marleen het eigenlijk gepland. Alleen had een onwillige ziel(lees: de inrichter van de vorige rit) enige tijd ervoor zogezegd een probleempje met zijn ketting. Volgens mij pure jaloezie om het organisatietalent van Bert en Marleen!

Ten zesde, Bert en Marleen zelf. Dankjewel allebei voor de goede zorgen. Ik denk er zelfs aan om jullie in te huren om onze rit te organiseren. Wel eerst nog een prijs afspreken, maar dat mag volgen mijn status(Baron) geen probleem zijn.


Getekend: Baron Paul Von Plassenrijder en explosieve stoker Dirk

N.B. De foto's die ik hier gebruikt heb zijn niet van mezelf. Ze zijn 'geleend' van Google Earth en blijven van hun rechtmatige eigenaars.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen